Veel gestelde vragen

Wat is een Notice-and-Take-Down?
Op het internet komt soms onrechtmatige informatie voor, of er zijn systemen die onrechtmatige activiteiten mogelijk maken. Dat kan gaan om phishingsites of kinderporno, maar ook om bijvoorbeeld misbruik van door copyright beschermde informatie of discriminatie. De Notice-and-Take-Down procedure start op het moment dat iemand een melding doet over vermeende onrechtmatige en/of strafbare inhoud of systemen op internet. Dat is de “Notice”. Primair dient de melder hier voor de inhoudsaanbieder aan te spreken. De inhoudsaanbieder is de persoon, instantie of organisatie die bepaalde inhoud op het internet heeft gezet of die verantwoordelijk is voor de ruimte op het internet waarvan een derde gebruik heeft kunnen maken (bijvoorbeeld een forum). Vaak kan de identiteit van de inhoudsaanbieder niet of moeilijk worden achterhaald. In zulke gevallen kan de melder zich tot een tussenpersoon wenden. Let op: De provider zal nagaan of degene die de onrechtmatigheid veroorzaakt, of heeft geplaatst, is benaderd. Artikel 4lid b NTD code legt de bewijslast bij de melder dat er alles aan gedaan is om zelf in contact te zijn gekomen met de inhoudsaanbieder, alle informatie en beschikbare kanalen moeten hierbij benut zijn. Slechts als dat niet mogelijk is, of geen effect heeft gehad, zal de tussenpersoon de procedure in gang zetten en beoordelen wat er verder moet gebeuren. De procedure kán eindigen met het verwijderen van onrechtmatige informatie, of uit de lucht halen van een website, de zogenoemde “Take Down”. Het doel van de NTD code is om te zorgen dat een melding altijd afgehandeld wordt. Dit betekent dus niet dat de inhoud altijd verwijderd zal worden. Het kan immers zijn dat bij de beoordeling de afweging wordt gemaakt dat er niet van evidente onrechtmatigheid sprake is. Om dit proces te verbeteren is er een pragmatische oplossing ontwikkeld om op een snelle, effectieve wijze evidente onrechtmatigheid tegen te gaan: Notice-and-Take-down. Hier ligt de ‘gedragscode Notice-and-Take-down’ (NTD code) aan ten grondslag. De gedragscode wordt met name gehanteerd door partijen die de mogelijkheid hebben om de evidente onrechtmatigheid van het Internet te verwijderen, zoals service providers, hosters en andere aanbieders van online faciliteiten.
Wat houdt de gedragscode Notice-and-Take-down in?
De NTD code respecteert de neutrale rol van Internet providers, omvat hoor en wederhoor van betrokkenen, zorgt voor snelheid van handelen en minimaliseert zo de overhead. Zo kan evidente onrechtmatigheid snel worden geneutraliseerd en worden lange juridische trajecten voorkomen. De NTD code vormt géén (nieuwe) wettelijke verplichting, maar is juist bedoeld om partijen te helpen om binnen de bestaande wettelijke kaders zorgvuldig te opereren bij het op verzoek van derden verwijderen van informatie op het internet. Zij richt zich op de afhandeling van meldingen ten aanzien van (vermeende) onrechtmatige en/of strafbare inhoud op internet. Hiervoor geeft zij randvoorwaarden voor de procedure die de tussenpersoon volgt bij het faciliteren in het oplossen van het conflict. Het doel van de NTD code  is om te zorgen dat een melding altijd afgehandeld wordt. Dit betekent niet dat de inhoud altijd verwijderd moet worden. Het kan immers zijn dat er melding wordt gemaakt van een site die uiteindelijk niet in strijd met de wet blijkt te zijn. Indien de inhoud wel in strijd met de wet is, dan moet een tussenpersoon faciliteren door of te helpen bij het (laten) verwijderen van de gewraakte inhoud, of door de melder in contact te brengen met de inhoudsaanbieder. Voor meer informatie over de code en haar reikwijdte verwijzen wij u graag door artikel 1 en de memorie van toelichting vanaf pagina 4 van de NTD code
Juridische grondslag
Artikelen 14, 15 en 16 van de e-commerce richtlijn Artikel 14 “Hosting” (“host”-diensten)

  1. De lidstaten zorgen ervoor dat, wanneer een dienst van de informatiemaatschappij bestaat in de opslag van de door een afnemer van de dienst verstrekte informatie, de dienstverlener niet aansprakelijk is voor de op verzoek van de afnemer van de dienst opgeslagen informatie, op voorwaarde dat:
  2. a) de dienstverlener niet daadwerkelijk kennis heeft van de onwettige activiteit of informatie en, wanneer het een schadevergoedingsvordering betreft, geen kennis heeft van feiten of omstandigheden waaruit het onwettige karakter van de activiteiten of informatie duidelijk blijkt, of
  3. b) de dienstverlener, zodra hij van het bovenbedoelde daadwerkelijk kennis heeft of besef krijgt, prompt handelt om de informatie te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk te maken.
  4. Lid 1 is niet van toepassing wanneer de afnemer van de dienst op gezag of onder toezicht van de dienstverlener handelt.
  5. Dit artikel doet geen afbreuk aan de mogelijkheid voor een rechtbank of een administratieve autoriteit om in overeenstemming met het rechtsstelsel van de lidstaat te eisen dat de dienstverlener een inbreuk beëindigt of voorkomt. Het doet evenmin afbreuk aan de mogelijkheid voor lidstaten om procedures vast te stellen om informatie te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk te maken.

Artikel 15 Geen algemene toezichtverplichting

  1. Met betrekking tot de levering van de in de artikelen 12, 13 en 14 bedoelde diensten leggen de lidstaten de dienstverleners geen algemene verplichting op om toe te zien op de informatie die zij doorgeven of opslaan, noch om actief te zoeken naar feiten of omstandigheden die op onwettige activiteiten duiden.
  2. De lidstaten kunnen voorschrijven dat dienstverleners de bevoegde autoriteiten onverwijld in kennis dienen te stellen van vermeende onwettige activiteiten of informatie door afnemers van hun dienst, alsook dat zij de bevoegde autoriteiten op hun verzoek informatie dienen te verstrekken waarmee de afnemers van hun dienst met wie zij opslagovereenkomsten hebben gesloten, kunnen worden geïdentificeerd.”

Artikel 16 Gedragscodes

  1. De lidstaten en de Commissie stimuleren:
  2. a) de opstelling van gedragscodes op communautair niveau door bedrijfsorganisaties, beroepsverenigingen of -organisaties en consumentenverenigingen die bijdragen aan de goede toepassing van de artikelen 5 tot en met 15;
  3. b) de indiening, op vrijwillige basis, bij de Commissie van ontwerpgedragscodes op nationaal of op communautair niveau;
  4. c) de toegankelijkheid van de gedragscodes langs elektronische weg in de talen van de Gemeenschap;
  5. d) de handels- of beroepsverenigingen of -organisaties en de consumentenverenigingen om de lidstaten en de Commissie in kennis te stellen van evaluaties van de toepassing van hun gedragscodes en de weerslag ervan op de praktijken, gebruiken en gewoonten betreffende de elektronische handel;
  6. e) de opstelling van gedragscodes ter bescherming van minderjarigen en de menselijke waardigheid.
  7. De lidstaten en de Commissie moedigen het aan dat verenigingen die consumenten vertegenwoordigen betrokken worden bij het opstellen en ten uitvoer leggen van in lid 1, onder a), bedoelde gedragscodes, indien deze van invloed zijn op hun belangen. Verenigingen voor slechtzienden en visueel gehandicapten moeten geraadpleegd worden indien dat nodig is om met hun specifieke behoeften rekening te houden.

Het Burgerlijk Wetboek, art. 6:196c lid 4: “4. Degene die diensten van de informatiemaatschappij verricht als bedoeld in artikel 15d lid 3 van Boek 3, bestaande uit het op verzoek opslaan van een ander afkomstige informatie, is niet aansprakelijk voor de opgeslagen informatie, indien hij:

  1. niet weet van de activiteit of informatie met een onrechtmatig karakter en, in geval van een schadevergoedingsvordering, niet redelijkerwijs behoort te weten van de activiteit of informatie met een onrechtmatig karakter, dan wel
  2. zodra hij dat weet of redelijkerwijs behoort te weten, prompt de informatie verwijdert of de toegang daartoe onmogelijk maakt.”

Jurisprudentie In het geval van een verzoek voor de afgifte van NAW gegevens zal gekeken moeten worden naar de toets die de Hoge Raad aanhield in de zaak Lycos vs. Pessers: “4.10 Ook indien de op een website gepubliceerde informatie niet onmiskenbaar onrechtmatig is, kan een service provider onder omstandigheden onrechtmatig handelen door de bij haar bekende NAW-gegevens van de desbetreffende websitehouder niet op verzoek aan een belanghebbende derde bekend te maken. Indien voldoende aannemelijk is dat de gepubliceerde informatie jegens de derde wel onrechtmatig zou kunnen zijn en dat deze daardoor schade kan lijden, zou het maatschappelijk bezien ongewenst zijn indien die derde geen enkele reële mogelijkheid heeft de websitehouder daarop – zonodig in rechte – aan te spreken. Onder omstandigheden kan dan ook een weigering van de serviceprovider om de NAW-gegevens van de websitehouder aan de derde bekend te maken in strijd komen met de zorgvuldigheid die de serviceprovider jegens een zodanige derde in acht dient te nemen. Dit kan met name het geval zijn indien zich de volgende omstandigheden voordoen:

  1. de mogelijkheid dat de informatie, op zichzelf beschouwd, jegens de derde onrechtmatig en schadelijk is, is voldoende aannemelijk;
  2. de derde heeft een reëel belang bij de verkrijging van de NAW-gegevens;
  3. aannemelijk is dat er in het concrete geval geen minder ingrijpende mogelijkheid bestaat om de NAW-gegevens te achterhalen;
  4. afweging van de betrokken belangen van de derde, de serviceprovider en de websitehouder (voor zover kenbaar) brengt mee dat het belang van de derde behoort te prevaleren”
Hoe weet ik welke bedrijven de code onderschrijven?
Zie hier de onderschrijvers van de NTD code
Voor wie is de NTD code bedoeld?
De NTD code wordt gehanteerd door tussenpersonen die in Nederland een openbare (telecommunicatie) dienst op internet leveren. Wil van een openbare dienst sprake zijn dan dient deze voor iedereen beschikbaar te zijn. Ook is er sprake van een openbare communicatiedienst als die toegankelijk is voor leden van een bepaalde groep als (vrijwel) iedereen lid kan worden van die groep. Bij tussenpersonen kunt u bijvoorbeeld denken aan hostingbedrijven of Internet Service Providers (ISP’s). Websites waarvoor de code bedoeld is, zijn bijvoorbeeld discussiefora en sites met ruimte voor (links naar) (zelfgemaakte) filmpjes of muziek.
Kan iedereen een Notice and Takedown verzoek uitbrengen?
Zie ook Artikel 3 van de NTD code: “Tussenpersonen hebben een eigen, openbaar toegankelijke Notice-and-Take-Down procedure in overeenstemming met deze code. Deze procedure beschrijft hoe de tussenpersonen omgaan met meldingen van strafbare of onrechtmatige inhoud op Internet.” Er zijn tussenpersonen die voor bepaalde meldingen een duidelijke link tussen melder en de gemelde content vereisen (bijvoorbeeld bij schending van auteursrechten).
Bij wie moet ik een Notice and Takedown verzoek uitbrengen als ik onrechtmatige of strafbare informatie op internet ontdek?
Bij voorkeur bij degene die de informatie geplaatst heeft. Maar dat is niet altijd wenselijk of mogelijk. In dat geval stelt de code dat u moet opschalen naar de organisatie die het dichtste bij de bron zit. Dat kan bijvoorbeeld de beheerder van een webforum zijn, of als die onbekend is de eigenaar van de website. Als ook die niet bekend is, wordt er gekeken naar degene die de website host. Dus hoe dichter u bij de bron bent, hoe beter. Let op dat u dit voldoende motiveert wanneer u een verzoek uitbrengt, zie ook artikel 4 van de NTD code. Per situatie moet bekeken worden wie de eerstvolgende partner is in de hele keten. Voor een weergave van deze keten kunt u terecht in de memorie van toelichting van de NTD code. Voor bepaalde meldingen zijn speciale meldpunten ingesteld, om zo de afhandeling van een dergelijke melding meer efficiënt en gecoördineerd te laten verlopen. Hieronder valt bijvoorbeeld het meldpunt kinderporno van het expertisebureau online kindermisbruik (EOKM), waar u terecht kunt voor het melden van online kindermisbruik. Zie hieronder een lijst van meldpunten. Wij suggereren in geen geval dat dit ‘trusted’ notifiers zijn, dit bepaalt elke partij zelf. Ontbreekt hier een meldpunt? Laat het ons weten. Meldpunten:

Wanneer kan een verzoek tot Notice and Takedown worden ingediend?
Een melding wordt bij voorkeur pas gedaan nadat aannemelijk is dat de melder en de inhoudsaanbieder niet tot overeenstemming (kunnen) komen (artikel 4 NTD code). Een concreet verzoek kunt u doen indien u informatie tegenkomt waarvan u denkt dat deze onrechtmatig en/of strafbaar is. Let wel, het gaat daarbij om een vermoeden. U hoeft dus niet 100% zeker te weten of de informatie ook daadwerkelijk onrechtmatig en/of strafbaar is. De melding moet wel aan bepaalde voorwaarden van artikel 4 uit de Gedragscode voldoen. U zult voldoende onderbouwd moeten aangeven waarom u van mening bent dat de informatie onrechtmatig en/of strafbaar is. Op basis hiervan zal de tussenpersoon een afweging maken.

Enkele voorbeelden van verschillende soorten informatie die strafbaarheid en/of onrechtmatigheid kunnen opleveren zijn:

  • Inbreuken op auteurs en/of merkenrecht
  • Verspreiden van kinderporno
  • Haatzaaiende en racistische uitlatingen
  • Smaad en lasterlijke teksten
  • Cyberstalking
  • Publicatie van andermans persoonsgegevens
Hoe kan een verzoek tot Notice and Takedown worden ingediend?
Partijen die de NTD code onderschrijven, melden dit op hun website. Zij geven daarbij ook aan hoe u bij hen een verzoek kunt indienen. Kijk daarom op de website van de partij bij wie u een dergelijk verzoek wilt indienen. (Zie ook artikel 3 NTD code)
Wat moet er allemaal in zo’n verzoek tot Notice and Takedown worden vermeld?
Zie artikel 4 lid b NTD code: De onder schrijvers van de NTD code geven op de eigen website aan hoe u een dergelijk verzoek kunt indienen. U dient in ieder geval de volgende informatie te verstrekken:

  • uw contactgegevens,
  • de gegevens die de tussenpersoon nodig heeft om de inhoud te kunnen beoordelen waaronder ten minste de locatie (URL) en IP-adres,
  • een beschrijving waarom de inhoud volgens u onrechtmatig of strafbaar is of waarom deze volgens u strijdig is met door de tussenpersoon gepubliceerde criteria ten aanzien van onrechtmatige of strafbare inhoud en
    een motivering waarom deze tussenpersoon wordt benaderd als meest geschikt om op te treden.
Wat is een redelijke termijn voor de afhandeling van een verzoek?
De redelijke termijn voor het maken van een beoordeling en het afhandelen van een verzoek hangt af van verschillende factoren: de daadwerkelijke onmiskenbaarheid van onrechtmatige of strafbare inhoud, de ernst en maatschappelijke onrust, de aard en omvang van de schade, de betrouwbaarheid van de bron etc. In geval van onmiskenbare onrechtmatigheid of strafbaarheid kan de afhandeling binnen enkele dagen plaatsvinden, in de overige gevallen zal het langer duren, waarbij bijvoorbeeld 5 werkdagen een redelijke termijn is. Uiteindelijk is het echter aan de individuele inhoudsaanbieder om hiervan een inschatting te maken en te bepalen welke termijn(en) hij hanteert. De inhoudsaanbieder maakt deze termijn(en) in zijn NTD-procedure bekend.
Hoe weet u nu zeker of een website onrechtmatige of strafbare informatie bevat?
Uiteindelijk weet u dat pas zeker als de rechter zich heeft uitgesproken. Een tussenpersoon zal elke melding eerst zelf beoordelen om te zien of er sprake is van een onmiskenbare onrechtmatigheid of strafbaarheid. Als melder moet je motiveren waarom er sprake is van onmiskenbaar onrechtmatige inhoud.
Wat gebeurt er nadat een verzoek is ingediend?
Nadat een verzoek is ingediend zal de tussenpersoon beoordelen of er sprake is van onmiskenbaar onrechtmatige en/of strafbare inhoud. De tussenpersoon zal u op de hoogte stellen van het oordeel en het eventuele vervolg dat daaraan gegeven wordt. Wilt u zien hoe een dergelijk proces eruit kan zien? Kijkt u hier voor de flowchart.
Wat is onmiskenbaar onrechtmatige of strafbare inhoud?
Wat is het verschil tussen ongewenste en onmiskenbaar onrechtmatige inhoud?
Naast de categorie onmiskenbaar onrechtmatig, kunnen tussenpersonen bepaalde criteria hanteren voor inhoud die zij ongewenst vinden en waarvan zij niet willen faciliteren dat die inhoud via hen op internet beschikbaar is. Deze heet ook wel ongewenste inhoud. Deze categorie valt buiten de reikwijdte van de NTD code. Een melding over ongewenste inhoud wordt door de tussenpersoon beoordeeld aan de hand van diens opgestelde criteria.
Wat gebeurt er als een verzoek wordt goedgekeurd?
Er kunnen zich drie verschillende situaties voor doen, zoals artikel 6 van de NTD code omschrijft. Artikel 6 lid b gaat in op wat er gebeurt wanneer een verzoek is goedgekeurd. Goedgekeurd betekent in dit geval dat de tussenpersoon oordeelt dat er sprake is van onmiskenbaar onrechtmatig en/of strafbare inhoud. De tussenpersoon zorgt er dan voor dat de betreffende inhoud onverwijld verwijderd wordt. Niet altijd is het mogelijk voor de tussenpersoon om tot een eenduidig oordeel te komen, zie artikel 6 lid c NTD code voor meer informatie. Let op: In sommige gevallen het onwenselijk is dat inhoud volledig verwijderd wordt, bijvoorbeeld wanneer het mogelijk bewijs voor een strafrechtelijk proces betreft.
De tussenpersoon vraagt mij om een vrijwaring tegen aansprakelijkheid. Wat is dat?
Artikel 4 lid d NTD code spreekt over het verzoek van een tussenpersoon aan een melder voor complete vrijwaring van aansprakelijkheid. De memorie van toelichting bij artikel 4 lid d gaat hier verder op in: De verantwoordelijkheid voor een melding ligt bij de melder. De tussenpersoon kan u daarom vragen om een expliciete vrijwaring. Als een tussenpersoon naar aanleiding van uw melding handelt (hij haalt bijvoorbeeld na de weging en het oordeel dat het gaat om onmiskenbaar onrechtmatige informatie deze informatie offline), dan is het mogelijk dat hij door degene die de informatie plaatste aansprakelijk gesteld wordt voor eventuele schade. Door de tussenpersoon expliciet te vrijwaren kan de tussenpersoon als hij aansprakelijk wordt gesteld voor eventuele schade deze schade op u verhalen.
De vrijwaring is met name van belang in gevallen waarbij niet onmiskenbaar sprake is van een onrechtmatigheid of een strafbaar feit. Een tussenpersoon kan dan niet aansprakelijk worden gesteld voor het reageren op een melding die achteraf onrechtmatig blijkt te zijn.
Wat zijn NAW-gegevens en moet een tussenpersoon deze aan een melder verstrekken?
NAW-gegevens staan voor Naam, Adres en Woonplaats.

Artikel 6 lid c NTD code stelt dat indien er niet een eenduidig oordeel gegevens wordt over de (on)rechtmatigheid van de inhoud, de tussenpersoon eerst de inhoudsaanbieder op de hoogte stelt van de melding. Hier in wordt het verzoek opgenomen of de inhoud te verwijderen of contact op te nemen met de melder. Indien zij hier niet uit komen en de inhoudsaanbieder zich niet bekend wil maken aan de melder, kan de tussenpersoon overgaan tot het offline halen van de inhoud of het verstrekken van NAW-gegevens van de inhoudsaanbieder. Zie ook de toelichting in de Memorie van Toelichting van artikel 6 lid c NTD code.

Uit jurisprudentie (zie arrest Lycos/Pesser) blijkt dat het verstrekken van NAW-gegevens door een tussenpersoon aan een melder dient plaats te vinden indien de gepubliceerde informatie jegens de melder (a) onrechtmatig zou kunnen zijn, (b) deze daardoor schade kan lijden en (c) er geen minder ingrijpende manier is voor de melder om achter de NAW -gegevens te komen. Vervolgens dient de tussenpersoon de onderlinge zwaarte af te wegen van het privacybelang van de websitehouder en het belang van het ‘slachtoffer’ van de publicatie om degene te vinden die hij kan aanspreken.

Kunnen ISP’s die nu nog niet meedoen zich aansluiten bij de gedragscode?
Ja. Iedereen mag de gedragscode implementeren en dient dit op de eigen website kenbaar te maken. Er is een aantal initiatiefnemers, die de gedragscode in overleg met overheidspartners onderhouden. ECP faciliteert dit initiatief.

Daarnaast kan men zich expliciet uitspreken als ondersteuner van de NTD code. Dit wordt bijgehouden op deze website. Indien u de Code onderschrijft, maar de naam van uw bedrijf (nog) niet vermeld staat op de website van ECP, kunt u zichzelf aanmelden bij ntd@ecp.nl.

Wordt de gedragscode binnenkort uitgebreid?
Het is de bedoeling om de gedragscode continu te blijven verbeteren aan de hand van technologische ontwikkelingen, de stand van de wetgeving en nieuwe inzichten. De initiatiefnemers van de gedragscode zullen deze in overleg met overheidspartijen onderhouden. Bij de lancering van de gedragscode is afgesproken dat verdere verdieping en verbreding van dit instrument een volgende cruciale stap is.
Waarom kunnen providers er niet zelf voor zorgen dat onrechtmatige informatie wordt verwijderd?
Providers worden in de wet aangeduid als zogenaamde tussenpersonen (in de Europese wetgeving wordt de term “Intermediaries” gehanteerd). Tussenpersonen dragen geen verantwoordelijkheid voor de activiteiten van hun klanten. Die neutrale rol is essentieel. Providers zouden anders alle activiteiten in hun netwerken en op hun platforms moeten inspecteren. En ze zouden zeer terughoudend moeten zijn bij het toelaten van activiteiten. Dat remt innovatie, vrijheid van meningsuiting en schaadt de privacy van hun klanten. Daarom is het nodig dat providers door externe partijen op de hoogte worden gesteld van onrechtmatigheid in hun netwerken en platforms, via Notices. Van hen mag dan wel verwacht worden dat ze de meldingen serieus nemen, en zich dan een oordeel vormen of ze iets kunnen doen als er sprake is van onmiskenbare onrechtmatigheid.
Wat moet ik doen als een tussenpersoon niet op een verzoek reageert?
De Notice en Takedown heeft een vrijwillig karakter, u kunt het de gedragscode dus niet afdwingen. Iedereen die dit onderschrijft doet dit vanuit de houding het internet beter te maken. Attendeer de partijen die het niet onderschrijven via bijvoorbeeld branche organisaties zoals DHPA, ISPConnect of Nederland ICT. U kunt ook altijd contact op nemen met de werkgroep NTD via de contactpagina.